Ik zat schuin achter Ard Schenk en ik kon het met niemand delen. Zowel de jongen naast als achter me herkende hem niet. Dat had ik weer, op een avond over sport zat ik tussen mensen die niets met sport hebben. Het werd ook nog ongemakkelijk, omdat ik wel vond dat ik ze moest uitleggen wie er voor ons zat.

De rijen stonden zo dicht op elkaar dat ik zacht moest fluisteren en mijn bondige uitleg vond plaats in de stilte die er viel nadat er een applaus was weggestorven. Maar Ard liet nooit blijken dat hij iets hoorde, hij keek vooruit, zijn benen naast elkaar, handen plat op zijn dijen. Tijdens de ongeveer anderhalf uur durende uitreiking van de Nico Scheepmaker Prijs tilde hij zijn handen alleen op om te klappen. Zijn gezicht zag ik een paar keer toen hij ergens om lachte en even opzij keek naar de man naast hem, waarschijnlijk een van de schrijvers van zijn biografie. Hij kon ook de hele tijd zo blijven zitten, want zijn boek viel niet in de prijzen. Welke schrijver er met de hoofdprijs vandoor ging, hoorde ik pas bij de borrel, want zijn naam ging kopje onder in het applaus en de beste man herkende ik niet. Ik zou zijn naam nu alsnog moeten googelen om die te kunnen vermelden. Maar dat kunt u zelf ook.

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites