Ik loop langs de juwelier die gisteren is beroofd. Een gewapende overval, in het nette Voorschoten. Boven het winkelcentrum hing een helikopter, politiewagens verdrongen elkaar op de parkeerplaats. Ik heb er niets van meegekregen. Ik had een gesprek over mijn persoonlijke ontwikkeling. Dat is heel belangrijk, er ging een raampje dicht toen het ons te lawaaierig werd.

Ik loop niet langs de juwelier omdat ik een ramptoerist ben, mijn lunchommetje voert nu eenmaal langs de winkel. Die gewoonte ga ik niet veranderen omdat er gisteren iets ergs is gebeurd. Dan blijf je bezig.

Florentijn, heet de juwelier. Dat wist ik niet, ook al loop ik er bijna elke werkdag langs. Ik blijf even staan om naar binnen te kijken, maar ik sta aan de andere kant van het pad, in de zon. De winkel ligt in de schaduw en begint ook nog eens achter een nauw portiekje. Door de glazen deur zie ik wel twee oudere mensen staan. Ze staan met hun handen in de zakken te praten, maar niet tegen elkaar. Eentje kijkt opzij en het dringt tot me door dat ze een ongeschoren kerel in donkere kleding zien staan, met een donkere muts op, een capuchon die over de kraag van zijn jas hangt. Ik loop snel door.

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites