Zij zette me af bij de garage om onze andere auto op te halen en reed door naar de sportschool, met in het contact de autosleutel, daaraan mijn sleutelbos. Maar dat besefte ik pas thuis, toen ik de voordeur open wilde doen. Ik had wel meteen door waar mijn sleutelbos moest zijn en greep naar mijn telefoon. Mijn zakken waren leeg. Door het raam zag ik de telefoon op tafel liggen, naast mijn portemonnee. Op de grond lag de schoudertas met daarin de spullen die ik nodig had voor de afspraak van anderhalf uur later. Ik drentelde wat voor mijn huis, in de hoop dat zij om was gedraaid om mij te sleutels te brengen. Anders zou ze nog zeker twee uur weg zijn en dan ging ik mijn afspraak niet halen. En als ik ergens een hekel aan heb, is het te laat komen. Hoewel de mensen met wie ik had afgesproken niet zo stipt zijn, kon ik het idee dat ze op mij zouden moeten wachten niet verdragen. Ik kom nooit ergens te laat en daar ben ik trots op. Ik vind het een heerlijk idee als mensen over mij zeggen: Rick, die komt echt nooit te laat.

Onderweg naar de snackbar om de hoek nam ik me voor de buren binnenkort toch echt een sleutel te geven en in de snackbar belde ik haar, maar tevergeefs. Er was ook al ongeveer een kwartier verstreken, ze zat minimaal in de kleedkamer. Ik sprak haar voicemail in en ging weer weg. Buiten drong het pas tot me door dat ik natuurlijk gewoon met de zojuist opgehaalde auto naar haar sportschool kon rijden. Terug in de auto dacht ik erover na hoe het zou zijn als zij helemaal niet in de sportschool was, als zij daar al maanden niet was geweest. Dat de fictieve minnaar, Kees, waar we altijd grapjes over maken als ik vroeger thuiskom dan verwacht of zij te laat, echt bestaat. Ik stopte er snel mee om daarover na te denken, de fantasie stemde me echt verdrietig, ik kreeg het er zelfs warm van.

De vrouw achter de balie vroeg naar haar naam en ze riep haar om, nog voordat ik kon zeggen dat ik liever even naar binnen ging om haar te zoeken. Het was een vreemd gevoel om haar naam uit de boxen te horen galmen, zeker omdat het op mijn verzoek gebeurde. De stem van de vrouw deed iedereen die ik kon zien even opkijken, ook de mensen met oordopjes in, maar zij verscheen niet. Een binnenkomend telefoontje voorkwam dat de vrouw en ik een tijdje zwijgend tegenover elkaar zouden staan. Het telefoontje duurde ongeveer een minuut.
‘Moet ik haar nog een keer omroepen,’ vroeg ze.
‘Nee, doe maar niet. Mag ik…’
‘Of wilt u zelf even kijken?’
Dat wilde ik wel en de vrouw opende het poortje. Ik maakte een rondje langs de apparaten, wat voelde alsof ik in zwembroek op een naaktstrand liep, en knikte naar mensen die me aankeken. Halverwege kwam ik een bekende tegen en die keek me heel verbaasd aan. Ik legde hem in het kort uit wat ik hier kwam doen. Hij schoot in de lach. ‘Die valt mooi door de mand,’ zei hij. ‘Maar ik heb haar hier nog niet gezien.’

We namen afscheid en ik ging terug naar de balie. Ik had het nog warmer dan in de auto, ik voelde me voor lul staan. De vrouw had inmiddels op de computer gezien dat zij zich nog niet had aangemeld en liet me bellen. Net als in de snackbar nam ze niet op, kreeg ik haar voicemail. Nu sprak ik niets in, ik hing op. Ze had hier al zeker een kwartier, twintig minuten, moeten zijn. Ik begon het nummer van haar ouderlijk huis in te tikken, maar na drie nummers zei de vrouw achter de balie: ‘Kijk eens aan. Jou herken ik van de foto.’

Daar was ze, in sportkleding. Mijn sleutelbos hing om de wijsvinger van haar uitgestoken hand. Ze glimlachte lief. ‘Hier kom je zeker voor?’
‘Kom jij nu pas binnen?’
‘Ja,’ antwoordde ze. ‘Ik ben eerst even bij Kees langs geweest.’
De vrouw achter de balie schoot in de lach.
‘O,’ zei ik. ‘Bij Kees… Dan is het goed.’

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites