De grote blanke man en de kleine donkere vrouw probeerden een overvolle boodschappenkar over een drempel te krijgen. De man stond binnen, de vrouw buiten. Om de voorkant omhoog te krijgen, duwde hij de handgreep naar beneden, met zijn voet tegen de krathouder. De vrouw trok met twee handen aan de kar en hing wat achterover. Na de drempel volgde nog een hoge opstap en ik zag helemaal voor me hoe de kerel de kar na de drempel niet kon houden en hoe het kleine donkere vrouwtje bezweek onder het volle gewicht van die kar.

Ik bood aan om te helpen, maar dat hoefde niet en net op dat moment stuiterden de voorste wieltjes over de drempel. De man hield de kar stevig aan de handgreep vast en zij stond nu voorover en hield de voorkant met gestrekte armen tegen.

Be careful, zei de man en het leek of hij ‘kar vol zei’, wat ik gezien de situatie wel grappig vond.

De achterste wieltjes gingen makkelijker over de drempel en op de verhoging daarachter was net genoeg ruimte om een kwart slag te draaien, zodat hij de kar achteruit van de opstap op straat kon tillen.

Pas in de draai die hij maakte, zag ik voor het eerst zijn gezicht. Ik herkende hem van vroeger, uit mijn dorp. Eens in de zoveel tijd zie ik hem ergens en dan moet ik altijd denken aan die keer dat hij zijn opwachting maakte bij All you need is love. Het zijne weet ik er niet meer van, maar het ging niet goed tussen hem en zijn vrouw, de relatie dreigde op de klippen te lopen. Hij moest meer moeite doen.

Het was vijf voor twaalf.

Aan het einde van het liedje zaten ze naast elkaar in de studio. Het kwam vast goed tussen die twee.

Die vrouw was Nederlands en blank.

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites