In de rij voor de incheckbalie stond Piet Keur, oud-voetballer van clubs als Haarlem, AZ, Feyenoord en Heerenveen. Hij was een kopsterke spits uit de jaren tachtig en negentig, met de weinig verhullende bijnaam Piet Likeur. Nu dronk hij bier uit een plastic glas, als enige in de rij, die pas ophield bij de schuifdeuren van de ingang. Als hij niet dronk, rustte het biertje op zijn buik. Zijn kinderen zaten achter elkaar op zijn koffer, die hij met zijn knie steeds een stukje vooruitduwde. Ik stootte mijn kersverse vrouw aan om haar op hem te wijzen. Niet omdat het haar zou interesseren, maar omdat ik het met iemand moest delen.

Hij zag er welvarend uit, Piet Keur, bruiner dan de gemiddelde Mexicaan. En zijn vakantie eindigde pas op Schiphol, zoveel was duidelijk. Zijn drinktempo leek afgestemd op de tijd die hem restte tot het inchecken. Ik kreeg er ook wel dorst van. Maar om het barretje te bereiken moest ik me een weg door de meute banen, en dan weer terug. Dat was me te veel moeite. En mijn vrouw vond het geen goed idee. Ik kon niet uit haar reactie opmaken of het om plaatsvervangende schaamte ging vanwege het drinken van bier in de rij, of vanwege de weg die ik ervoor moest afleggen, de mensen die voor me opzij zouden moeten. Alleen dat het om plaatsvervangende schaamte ging wist ik zeker.

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites