Meestal zet ik bij speeches mijn telefoon op trillen, maar vrijdag schakelde ik dat ding uit. Ik weet nog steeds niet waarom. Een half uur later tikte ik zonder erbij na te denken de pincode van mijn pinpas in. De verkeerde code, besefte ik te laat. Bij aanvang van de tweede poging aarzelde ik niet, maar tijdens het intikken voelde ik dat de combinatie niet juist was, en toch zette ik door.

Bij de derde en laatste poging tikte ik de combinatie in die het zonder twijfel moest zijn. Ook dat voelde niet helemaal goed, maar dat kwam vast omdat ik de code zolang niet had gebruikt.

In mijn scherm verscheen de melding dat ik de Puk-code moest invoeren. Ik drukte snel mijn telefoon uit, alsof ik alles daarmee ongedaan kon maken. Meteen daarna deed ik de telefoon weer aan en pas toen die vervloekte melding weer verscheen, voelde ik me een domme lul.

Ik had niet gedronken. Niet echt, tenminste. Een blikje bier.

Bij het starten van de auto piepte mijn V-snaar. Even later hoorde ik ook een snerpend geluid bij het remmen, erger dan op de heenweg, toen ik mijn telefoon nog kon gebruiken. Op de snelweg was ik nog niet van het gepiep en gesnerp af en ik zag mezelf al lopen in de berm, helemaal doorweekt, op zoek naar een verkeerspaal. Toen dacht ik aan hoe Arturo Bandini in het begin van Ask the Dust (uit 1939, door John Fante) een groot probleem dat onmiddellijke aandacht vereist oplost door het licht uit te doen en naar bed te gaan, en ik zette de radio zo hard dat het net geen pijn aan mijn oren deed.

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites