Gisteren werd ik herkend in de buurtsuper. Terwijl ik mijn boodschappen op de band legde, zag ik de man voor me al naar me kijken. Nadat hij had afgerekend, keek hij me weer aan. “U bent toch die schrijver?” Ik schrok er eigenlijk meer van dat de man, een jaar of vijftig, ‘u’ tegen me zei dan dat hij me herkende; ik woon in een klein dorp. “Ja,” antwoordde ik. “Ik denk het.” Ik wist niet wat ik verder moest zeggen en hij vroeg ook niets meer.

Hij was nog bezig met boodschappen in zijn tas stoppen toen ik moest afrekenen. Als ik er een stuiver bij zou geven, kon de caissière me een euro teruggeven, maar ik had alleen maar munten van twee euro. Ik gaf haar het geld en verontschuldigde me. De man tilde zijn volle boodschappentas uit de verzamelbak en zette de tas tussen zijn benen, zodat die niet om zou vallen. Hij rommelde gehaast in zijn jaszak en op het moment dat de kassa opensprong, wierp hij een stuiver op de band.

Deel via social media:
  • Twitter
  • Hyves
  • Facebook
  • NuJIJ
  • LinkedIn
  • del.icio.us
  • Google Bookmarks
  • Print
  • PDF
  • Add to favorites